Webinarreeks BOPA – Q&A deel II

Aangemaakt: 06 mei 2025

Webinarreeks BOPA – Q&A deel II

Bij het mogelijk maken van nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen is een activiteit regelmatig in strijd met de (beoordelings-)regels uit het omgevingsplan. In dat geval kan ervoor worden gekozen om een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (“BOPA”) aan te vragen. 

In het tweede deel van onze 3-delige webinarreeks over de omgevingsvergunning voor een BOPA stonden wij stil bij (verplichte) participatie en de vraag hoe participatie bij een BOPA er inhoudelijk uit moet zien. Daarnaast bespraken wij kostenverhaal en de aanvraagvereisten voor een omgevingsvergunning voor een BOPA. Wij zetten een aantal vragen uit de webinar met antwoord op een rij.

1. Is participatie altijd verplicht?
Nee, in beginsel is participatie zelfs niet verplicht. Participatie kán verplicht worden gesteld door de gemeenteraad, doordat zij categorieën van BOPA’s aanwijst waarvoor participatie wel verplicht is gesteld. Dit geldt alleen voor BOPA’s. 

2. Kan een initiatiefnemer bij het aanvraagformulier aangeven dat zij geen participatie heeft uitgevoerd?
Ja, in het aanvraagformulier op het Digital Stelsel Omgevingsrecht wordt altijd gevraagd of aan participatie is gedaan. Als participatie niet verplicht is gesteld, kan de initiatiefnemer antwoorden met ‘nee’. Antwoordt de initiatiefnemer toch met ‘ja’, dan moet hij/zij ook aangeven hoe de participanten zijn betrokken en wat de uitkomsten van het participatietraject waren.

3. Kan het bevoegd gezag inhoudelijke eisen stellen aan het participatietraject?
Het bevoegd gezag kan geen concrete inhoudelijke eisen stellen aan het participatietraject. De wetgever heeft beoogt om participatie vormvrij te houden. Elke project is namelijk anders. Uit de rechtspraak blijkt dat als ondergrens geldt dat, als participatie verplicht is gesteld, deze wel ‘van enige betekenis’ moet zijn. Anders zou het verplicht stellen van participatie weinig zinvol zijn. Het hangt vervolgens af van de aard van het project en de impact op de omgeving wat er in redelijkheid aan participatie gedaan moet worden.[1] Met andere woorden, wat de zinsnede ‘van enige betekenis’ precies inhoudt, is niet op voorhand te zeggen. Dit zal van geval tot geval beoordeeld moeten worden. Dit maakt het risicovol om het minimale aan participatie te doen.

4. Welke activiteiten vallen onder de kostenverhaalsplicht?
De kostenverhaalsplicht houdt in dat de overheid verplicht is om de kosten van bepaalde bouw- en gebruiksactiviteiten te verhalen op de initiatiefnemer. Dit kostenverhaal moet voldoen aan zogenoemde de PPT-criteria: de kosten moeten proportioneel zijn, er moet profijt zijn voor het kostenverhaalsgebied, en de kosten moeten toerekenbaar zijn aan dat gebied. Specifieke activiteiten waarvoor kostenverhaal geldt, zijn onder andere de bouw van woningen, kantoren, bedrijfsgebouwen, en de verbouwing van niet-woonfuncties naar woonfuncties. De kosten die verhaald kunnen worden, omvatten onder andere de kosten voor het opstellen van plannen, de aanleg van openbare voorzieningen, en nadeelcompensatie. 

Het is verboden om met de bouw te beginnen voordat de kosten zijn betaald, anders volgt bestuursrechtelijke handhaving

5. Hoe werkt privaatrechtelijk kostenverhaal? 
De wetgever geeft de voorkeur aan contractueel kostenverhaal (dus privaatrechtelijk), waarbij publiekrechtelijk kostenverhaal als laatste redmiddel dient. Privaatrechtelijk kostenverhaal verloopt via een kostenverhaalsovereenkomst. Privaatrechtelijk kostenverhaal is beperkt door specifieke kostensoorten en aangewezen activiteiten. Er is dus sprake van een gesloten stelsel. Er geldt een verbod op het uitvoeren van activiteiten totdat de kosten zijn betaald. Met andere woorden, het is verboden om met de bouw te beginnen voordat de kosten zijn betaald, anders volgt bestuursrechtelijke handhaving. Betaling verloopt via de overeenkomst, waarbij gehele of gedeeltelijke betaling na de start van de activiteiten mogelijk is, mits aanvullende zekerheden zijn gesteld en er een duidelijk betalingsmoment is vastgelegd. Komen partijen er samen niet uit, dan kunnen de kosten via publiekrechtelijke weg worden verhaald. 

6. Hoe worden de kosten bij publiekrechtelijk kostenverhaal verdeeld?
Er zijn twee varianten van publiekrechtelijk kostenverhaal: met tijdvak en zonder tijdvak. De eerste variant geldt voor integrale gebiedsontwikkelingen met een concreet eindbeeld, waarbij de kosten in het omgevingsplan worden vastgelegd. De tweede variant is voor organische gebiedsontwikkeling zonder concreet eindbeeld, waarbij een waardevermeerderingstoets plaatsvindt om de kostenverhaalsbijdrage te bepalen. In beide varianten worden de kosten naar rato van de opbrengsten verdeeld, zodat de zwaarste lasten door de zwaarste schouders worden gedragen. De opbrengsten en waardevermeerdering worden geraamd op basis van objectieve maatstaven, en de uiteindelijke kostenverhaalsbijdrage wordt berekend bij kostenverhaalsbeschikking. Betaling kan worden afgedwongen via dwangbevel indien nodig

7. Wat zijn de gevolgen van het niet voldoen aan de aanvraagvereisten?
Het bevoegd gezag heeft, net als onder het oude recht, de mogelijkheid om een aanvraag voor een omgevingsvergunning voor een BOPA niet verder te behandelen. Dit kan gebeuren als de aanvraag niet voldoet aan een wettelijk voorschrift voor het in behandeling nemen van de aanvraag, of als de verstrekte gegevens onvoldoende zijn voor de beoordeling van de aanvraag of de voorbereiding van het besluit. Volgens vaste rechtspraak is het aan het bevoegd gezag om te bepalen of het over voldoende gegevens en bescheiden beschikt om een besluit te nemen op een aanvraag en dus of de aanvraag buiten behandeling wordt gesteld.[2] De bestuursrechter toetst deze beslissing terughoudend.

 

[1] Rb. Gelderland 29 augustus 2024, ECLI:NL:RBGEL:2024:2126; rb. Amsterdam 25 juli 2024, ECLO:NL:RBAMS:2024:4679; rb. Gelderland 11 april 2024, ECLI:NL:RBGEL:2024:5928.

[2] Rb. Den Haag (VOVO), 11 MAART 2025, ECLI:NL:RBDHA:2025:3705; ABRvS 14 juni 2023, ECLI:NL:RVS:2023:2331; ABRvS 5 augustus 2020, ECLI:NL:RVS:2020:1868. 

Meer gerelateerde updates