
In haar noot gaat Melinda Oerlemans in op de wettelijke systematiek rond ontslag op staande voet door de werknemer. Wanneer een werknemer zélf ontslag op staande voet neemt wegens te late loonbetaling, kan een werknemer geen aanspraak maken op een billijke vergoeding. De wet kent deze mogelijkheid niet, wat in een recente uitspraak van de kantonrechter Den Haag werd bevestigd.
In deze zaak nam een werknemer ontslag op staande voet omdat zijn salaris structureel te laat werd betaald. De kantonrechter oordeelde dat het stelselmatig te laat betalen van loon een dringende reden vormde voor ontslag op staande voet door de werknemer. De werknemer had daarom recht op onder meer een gefixeerde schadevergoeding en een transitievergoeding.
Een billijke vergoeding werd echter afgewezen. De wet biedt daarvoor geen grondslag wanneer de werknemer zelf ontslag op staande voet neemt. Wie wél aanspraak wil maken op een billijke vergoeding, zal in plaats daarvan een ontbindingsverzoek moeten indienen. De uitspraak onderstreept bovendien dat het verhogen van de gefixeerde schadevergoeding slechts in uitzonderlijke gevallen aan de orde is.
Lees hier de volledige noot uit de Jurisprudentie Arbeidsrecht (JAR).


