Publicatie
20-07-2020

EEN NIEUWE RECHTSVORM VOOR DE MAATSCHAPPELIJKE ONDERNEMING

De (politieke) belangstelling voor maatschappelijk verantwoord ondernemen groeit al jaren. In 2015 pleitte de SER in een uitgebreid advies voor een juridisch label voor sociale ondernemingen en meer ondersteuning vanuit de overheid. Het regeerakkoord van 2017 beloofde passende regels en meer ruimte voor maatschappelijke ondernemingen. Op vrijdag 10 juli 2020 voegde het kabinet eindelijk de daad bij het woord en stemde de ministerraad in met een brief aan de Tweede Kamer, waarin de inzet om maatschappelijke ondernemingen op de kaart te zetten wordt besproken. Directe aanleiding is de conclusie uit verschillende onderzoeken dat maatschappelijke ondernemingen niet altijd als zodanig worden (h)erkend. In de brief schrijft staatssecretaris Keijzer van Economische Zaken en Klimaat dat de maatschappelijke onderneming in de toekomst in een aparte rechtsvorm kan worden gegoten en dat de overheid ontwikkeling van maatschappelijke ondernemingen zal stimuleren en faciliteren. De doelgroep bestaat uit ondernemers en organisaties die zich richten op de aanpak van maatschappelijk vraagstukken als klimaat, arbeidsparticipatie, zorg, onderwijs en veiligheid.

Het kabinet is van plan een marktverkenning te organiseren voor doorontwikkeling van het Impactpad: een tool om de maatschappelijke impact van een onderneming te meten. Daarnaast wordt de dienstverlening aan maatschappelijke ondernemers door de overheid verbeterd. Een verbindingsofficier gaat hen begeleiden bij (onder meer) het verkrijgen van financiering en een werkgroep maatschappelijk ondernemerschap moet kennisdeling en netwerkvorming tussen overheden versterken. De overheid zal ook maatschappelijke ondernemingen betrekken in haar inkoop- en aanbestedingsbeleid.

Betere (h)erkenning van maatschappelijke ondernemingen moet daarnaast worden bereikt door de invoering van de maatschappelijke BV. De zogenaamde BVm krijgt een nieuwe wettelijke regeling in de vorm van een lex specialis. De wet regelt ten minste de voorschriften waaraan de inrichting van de onderneming en de statuten moeten voldoen, de voorwaarden om de aanduiding ‘maatschappelijke BV’ te kunnen voeren en de registratie van de BVm in het handelsregister van de Kamer van Koophandel. Belanghebbenden kunnen naleving van de wettelijke regeling door de BVm afdwingen bij de civiele rechter. In de voorbereiding op het wetsvoorstel wordt specifiek gelet op behoud van het gelijke speelveld voor alle ondernemingen.

Staatssecretaris Keijzer geeft ook een inkijkje in de voorwaarden om de naam BVm te mogen dragen. Zo moet de onderneming primair een maatschappelijke doelstelling hanteren, een deel van de omzet herinvesteren in het bereiken van dat doel of beperkt zijn in de verdeling van winst en vermogen, minimaal jaarlijks in dialoog gaan met hun stakeholders, transparant zijn over de meest materiële gecreëerde maatschappelijke waarde en onafhankelijk een eigen strategie nastreven.

Het kabinet streeft ernaar om eind 2020 een voorontwerp van de wettelijke regeling in internetconsultatie te brengen. Wij zien het wetsvoorstel met belangstelling tegemoet.

20 juli 2020