Nieuws
22-02-2022

Hoge Raad oordeelt: ziekmelding na ontslagaanvraag UWV staat niet in de weg aan ontbinding arbeidsovereenkomst

De werkgever kan de arbeidsovereenkomst niet opzeggen gedurende de tijd dat de werknemer door ziekte arbeidsongeschikt is. Op dit opzegverbod tijdens ziekte geldt echter een uitzondering wanneer de werknemer zich ziek meldt nadat een ontslagaanvraag bij het UWV is ingediend. Wanneer het UWV toestemming verleent, kan de werkgever ondanks ziekte van de werknemer dan toch opzeggen. Weigert het UWV toestemming voor de opzegging van de arbeidsovereenkomst, dan kan de werkgever binnen twee maanden nadien de kantonrechter verzoeken de arbeidsovereenkomst te ontbinden. Een uitzondering op het opzegverbod tijdens ziekte geldt ook indien de werknemer na indiening van het ontbindingsverzoek ziek is gemeld. Maar mag de kantonrechter de arbeidsovereenkomst ook ontbinden, indien de werknemer ziek is geworden in de periode tussen de ontslagaanvraag bij het UWV en het ontbindingsverzoek aan de kantonrechter? Of staat het opzegverbod tijdens ziekte hieraan in de weg? Over die vraag heeft de Hoge Raad afgelopen vrijdag geoordeeld.

Cassatie in het belang der wet
In de feitenrechtspraak en literatuur heerste verdeeldheid over de vraag of het opzegverbod tijdens ziekte in de weg staat aan de ontbinding van de arbeidsovereenkomst op de a-grond, indien de werknemer ziek is geworden nadat de ontslagaanvraag bij het UWV is ingediend maar vóór indiening van het ontbindingsverzoek. Om over deze vraag duidelijkheid te krijgen, heeft de procureur-generaal bij de Hoge Raad cassatie in het belang der wet ingesteld tegen een beschikking van de kantonrechter Leeuwarden waarin over deze vraag is geoordeeld. In een cassatie in het belang der wet heeft de beslissing van de Hoge Raad geen rechtsgevolgen voor de partijen in de zaak. De beslissing van de Hoge Raad is in dat geval alleen bedoeld om helderheid te geven over een rechtsvraag in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

Het oordeel van de Hoge Raad
Op 18 februari 2022 heeft de Hoge Raad geoordeeld dat een ontbindingsverzoek wegens bedrijfseconomische omstandigheden kan worden toegewezen als de werknemer arbeidsongeschikt is geworden in de periode tussen de ontslagaanvraag bij het UWV en het verzoek om ontbinding aan de kantonrechter. Ook in die situatie geldt dus een uitzondering op het opzegverbod tijdens ziekte.

Volgens de Hoge Raad sluit dit oordeel aan bij de tekst van de wet en strookt het met de bedoeling van de wetgever om oneigenlijk gebruik van het opzegverbod tijdens ziekte te ondervangen. Immers, wanneer een ziekmelding in de periode tussen de ontslagaanvraag bij het UVW en het ontbindingsverzoek in de weg zou staan aan toewijzing van het ontbindingsverzoek, laat dat ruimte voor ziekmeldingen die gericht zijn op afwijzing van het ontbindingsverzoek.

Deze uitspraak schept duidelijkheid voor werkgevers die in een ontslagprocedure op de a-grond te maken krijgen met een zieke werknemer.

Betrokken advocaten

Expertises

Cassatie